enka

Kantine

In oktober 1951 werd het nieuwe grote gebouw met kleedlokalen en schaftruimte officieel geopend. Het was voor die tijd een modern en gerieflijk bouwwerk en de trots van het bedrijf Ede. Vele jaren heeft men met krappe ruimtes moeten improviseren. Er waren toen meerdere schaftlokalen, o.a. voor de meisjes in een lokaal boven de poort (waar nu de computerruimte zetelt). Voor de mannen die werkten in de textielafdelingen, in een fabrieksruimte waar nu de scheerafdeling is. Kleedkastjes kende men toen nog niet. In hokken afgeschermd met kippegaas werden de verschillende afdelingen/ploegen gescheiden. Door de bombardementen in de oorlogsjaren zijn veel ingerichte ruimtes vernietigd. En toen, na vijf jaar improviseren, kwam dat grote nieuwe gebouw.

In de parterre en de eerste verdieping de kleedlokalen en op de tweede verdieping, in een glazen paleis, het schaftlokaal. Het woord schaften was in die tijd heel gebruikelijk. In beide kleedlokalen stonden aan de zijkanten kleedkastjes en in het midden prachtige wasbakken. Het zag er toen prachtig uit.
Op de tweede verdieping waren drie schaftruimtes. De fabrieksmeisjes hadden een kantine in de luchtbrug naar de textielafdelingen, nu opslagruimte. In het midden het grote lokaal voor het mannelijk fabriekspersoneel en in de luchtbrug aan de andere zijde de beambtenkantine voor de dames en heren van de kantoren.
Verschillen had men in die tijd duidelijk. Zo had men ook uurloners, weekloners en maandsalarispersoneel. Dat is in de loop der jaren naar elkaar toe gegroeid en al vele jaren luncht men gezamenlijk in de grote kantine.
Het was groot feest in die oktobermaand 1951, nu 38 jaar geleden. Het toenmalige hoofd personeelszaken, de heer Mellink, leidde 's morgens de eerste groep van 1250 mensen naar binnen. Het toenmalige radio-orkest van de VARA 'Accordeola' was voor die gelegenheid uit Hilversum gekomen en de opening werd via de radio uitgezonden.
De Edese Harmonie gaf ook een fanfare hulde. 's Middags in aanwezigheid van het Enka's mannenkoor o.l.v. dirigent Albert van de Pijl werd het gebouw officieel overgedragen aan het bedrijf. De president-directeur van de AKU, de heer Van Schaik, en de bedrijfs-directeur, de heer Nolet, hebben het woord gevoerd en bedankten de ontwerpers en de bouwers voor dat prachtige gebouw, dat al gauw de naam kreeg van "de Luchtbrug".

NB18.h7

Het gebouw en de inrichting was voor die tijd toonaangevend en heeft landelijk voor vele bedrijfskantines als voorbeeld gediend. De werknemers waren erg blij met een eigen kleedkastje, dat op slot kon, de douches en de wasgelegenheid. Het kon niet op. De schoonheid en helderheid was een lust voor het oog. Hoe was de gang van zaken van alle dag. De ploegen en de afdelingen waren gemixed in één vak. Hooguit acht man kleedde zich tegelijk om in één vak. Na het omkleden (ieder droeg een overall) werd er gebabbeld en gerookt in diezelfde ruimte. Was je vroeg dan kon je ook nog zitten op een bankje. Elke week kreeg een ieder een stuk sunlight-zeep. Netheid, properheid stond boven aan.
 


NB18.h8

Men ging schoner de poort uit na werktijd dan toen men er binnen kwam. In de vijftiger jaren had bijna niemand een douche thuis. Dat betekende zaterdags aan het einde van de dienst een hele drukte bij de doucheruimte. Met een volgnummertje kwam ieder aan bod. Veel van dit alles is nu verdwenen.

© 2016 Historisch Museum Ede. All Rights Reserved.

Design: @Magic