enka

Kledingartikelen in de jaren na de 2e wereldoorlog

NB55.h1Terlenka reclame uit de jaren zestig

In het archief vonden wij een mededeling van de toenmalige bedrijfsdirectie betreffende verstrekking van textielartikelen aan de personeelsleden van ons bedrijf. Dat was in juni 1947. De textiel was op de bon en wat men kreeg was bij lange na niet voldoende om goed en warm gekleed te gaan en het slijten voor te zijn. Mode was een totaal onbekend begrip.
Wanneer we nu langs de winkels lopen valt het ons op dat de winkels uitpuilen van textielartikelen en dan ook letterlijk uitpuilen, want de rekken met kleding staan op de straten aangeprijst, van goedkope tot zeer dure artikelen. Voor elke beurs is er wel wat. Een scala van kleuren en maten, van mini tot maxi etc.

De ouderen onder ons zullen nog wel eens terugdenken aan die magere jaren van toen. Eerst de oorlogsjaren en daarna de jaren van wederopbouw, de eerste vijf jaren na de oorlog. We herinneren ons de jaren 1950 en 1951, toen veel militairen terug kwamen uit Indonesië en met groot verlof gingen. Bij de vele instructies voor de herintreding in de burgermaatschappij kregen zij coupons/distributiebonnen voor de aankoop van 1 kostuum. Die coupon betekende niet dat men het gratis kreeg! Men kreeg het recht om een kostuum te mogen kopen.

   

Gelukkig is dat nu totaal anders en kunnen we kopen wat we willen. Het is zelfs zo geworden dat een overvloed van gebruikte en onmodieuze kledingstukken verdwijnt naar landen die nu in dezelfde omstandigheden leven als wij in de vijftiger jaren.
Maar nu terug naar de mededeling van 1947. Grote bedrijven in den lande zoals de toenmalige AKU konden langs de distributie heen tex­tiel artikelen bemachtigen voor hun medewerkers. Een actief sociaal meele­vende directie deed dat en ook de AKU.
NB55.h2Mode begin jaren zestigIn de medede­ling staat, dat zij die op 31 maart 1947 in dienst waren, voor fl.15,60 aan textielwaren mochten kopen. Daar moest in ieder geval voor fl, 5,00 aan ondergoed bij zijn. Verder was de keus: 5 knotten wol, 6 zakdoeken, 1 paar kousen, 1 overhemd, 1 badhanddoek, 1 laken en 2 slopen. Gezinnen waar pas een baby was geboren of verwacht werd, mochten extra 4 luiers of 3 knotten wol kopen.
De verkoop vond plaats in het kan­toor van de melkwolfabriek (nu sponzenfabriek). Het werd op prijs gesteld dat, voor zover mogelijk, de vrouwen van ons personeel zelf kwamen. Dan wel legitimatiebewijs meenemen! De betaling geschiedde door inhouding op het loon van minimaal fl.2,50 in de week. Het gemiddelde inkomen was in die tijd ongeveer fl.28,00 in de week.
NB55.h3Mode begin jaren zestigToch was dit voor de toenmalige medewerkers een buitenkansje. Van de officiële distributie hoefde je niet veel te verwachten. Kleding werd bij wijze van spreken tot de laatste snik gedragen. Veel meisjes en vrouwen in die tijd moesten versleten kleding verstellen, vermaken, stoppen etc. Veel tijd kostte dat. Werkkleding in die tijd maar ook wel kleding werd versteld met nog goede delen van andere kleding.
De ouderen zullen nu wel glimlachen over die tijd, maar het was niet mis wat het vrouwelijk deel moest opknappen. Dat het bedrijf zich inspande om deze activiteiten voor haar personeel te doen ontving veel lof. Menig Edenaar die niet bij de AKU werkte was jaloers

© 2016 Historisch Museum Ede. All Rights Reserved.

Design: @Magic